Nieuwsbrief, jaargang 26, nr. 1

Inhoud:
Van DE Redactie, Van de voorzitter, Hordenieuws, Rimboe Ronald, Troeppraat 1, Troeppraat 2, Troeppraat 3, Troeppraat 4, Joop v/dr Knoop, Rowannieuws, Stamgezwam 1, Stamgezwam 2, PAG-post, Interview


Inleveren kopij volgende Nieuwsbrief t/m: donderdag 25 november 2004


(naar boven)

Van de voorzitter
“De zomer is de tijd van de kampen”
door: Mario Fokkens

De zomer gaat ons weer verlaten om de winter de toegang tot ons land niet langer te ontzeggen. Dat wil zeggen dat de vakantie al weer achter ons ligt en hopelijk een fijne herinnering is.

Tevens is de zomer altijd de tijd van de kampen. Ja… de zomerkampen. Dit jaar waren onze groene mannen te vinden in Mc Doldersum. Waar zij een prachtige plek hadden gevonden in het ‘Schotse landschap’. U zal wel begrijpen dat het thema de welpen over de grens heeft gebracht naar schotland. Tijdens mijn bezoek aan het kamp werd ik nog even geconfronteerd met de vrees en strijdlust van onze welpen, waar zij de hele week mee hadden te maken. De uitleg hiervan krijgt u ongetwijfeld een aantal bladzijden verderop in dit blad.
De verkenners hadden hun kamp dit jaar opgeslagen in Elp. Echter toen ik de heren wilde ontmoeten moest ik richting Grolloo, want de heren hadden een hike. Dat houdt in per groep een uitgezette (Italiaanse) route volgen naar de bivak. Omdat er door de verkennersleiding sprake was van overschatting van een aantal verkenners of onwetendheid bij een aantal verkenners van hoe de route te interpreteren, maakte dat ik nog per fiets de bossen heb mogen verkennen. Dit om de ‘missende’ groep van juiste informatie te voorzien. U zal hierover meer lezen.
De rowans hadden hun heil bij onze zuiderburen gezocht en aangezien ik die reis net in verband met mijn eigen vakantie had gemaakt, heb ik hen ook dit jaar niet bezocht. Maar de verhalen hebben mij overtuigd van het slagen van dit kamp.
De stam was dit jaar, aan het begin meer als aan het einde, goed vertegenwoordigd bij de nationale jamboree. Ondanks de uitbraak van een ziekte, die maakte dat het kamp eindigde in een grote ziekenboeg, begreep ik dat het al met al toch geslaagd was.

Afsluitend kijk ik nog even met u vooruit. Tijdens het schrijven van dit stukje staat het overvliegen weer voor de deur.

En dan gaan we toch al weer heel langzaam naar de koude winter en de warme feestdagen.
Al met al wens ik de scouts weer een formidabel seizoen toe.


(naar boven)

(naar boven)

Rimboe Ronald
“Ronald kijkt verder…”
door: Rimboe Ronald

Beste welpen,
Vaak wordt er gevraagd wie nou die DWEKkers zijn die op het NPK rondlopen. Dit vertel ik in het onderstaande stukje.

DWEKkers zijn jongens of meisjes van 7 tot 11 jaar. DWEK staat voor Dolfijnen, Welpen, Esta’s en Kabouters. Wat de welpen zijn hoef ik jullie natuurlijk niet uit te leggen. Maar wat zijn nu die anderen?

De Dolfijnen zijn waterscouts van 7 tot 11 jaar. Zij spelen op, in of naast water.

Esta’s zijn jongens en meisjes. Zij spelen in het land van Esta. Bij de opening zingen de Esta’s het volgende lied:
“Wij als Esta’s gaan op reis
Naar het verre Estaland
Want wij missen voor geen prijs
Deze avontuurlijke reis.
Geef je hand
ga maar mee
Over land
over zee.
Blijf maar heel dicht bij elkaar
Want dan is er geen gevaar.”

De kabouters spelen niet in de jungle zoals wij, maar op een eiland. Op dit eiland Bambilië zijn verschillende plaatsen waar je dingen kunt doen. Zo is er Holdorp, hier kan je sporten. En bij Wamshaven leren de oude vissers je knopen.


(naar boven)

Troeppraat 1
“Een mooie uitbreiding van de verkennersgroep”
door: vaandrig Nelis

Het is weer zondag. De 10e oktober om precies te zijn. Na me tien keer te hebben omgedraaid en de wekker heb zien verspringen van 10.00 naar 13:30 uur, besluit ik maar eens op te staan.

Gordijn open, pyama aanhouden en warme trui aan. Buiten is het koud dus ik verheug me op een dagje lui hangen voor de TV, ‘achter’ de PC gamen, of andere nutteloze bezigheden. Wandel op mijn gemak naar beneden voor een sneetje brood en een kopje soep. Brood gefixt en de Cup a Soup is klaar. Nu terug naar boven om mijn vaste stekje voor de TV op te zoeken. Gesetteld met een warm kopje soep, besluit ik mijn telefoon eens aan te zetten. Net als er een nieuw woord in het verschrikkelijk foute en boute belspelletje verschijnt, gaat de telefoon. “Bliep Bliep”. Een SMS van de Hopman: “Redactievergadering. Wachten op stukje van de verkenners. Als wij hem moeten schrijven wordt het niet leuk voor de vaandrigs.”

Sh*t. Ik ben iets vergeten. Wetende dat als de Oude wijze Hopman (OWH) en de Oude wijze assistent Hopman (OWAH) een stukje schrijven, de vaandrigs weer totaal verkeerd neer gezet worden. Ik moet wel. Wordt het dus toch een middag ‘achter’ de PC. Computer springt aan en daar zit ik nu. Even de Hopman SMS-en. “Tot wanneer liep de vorige nieuwsbrief?” “Juni” smst de hopman terug. Ik bedenk me op hetzelfde moment dat ik de nieuwsbrief natuurlijk in de kast heb staan. Ik zie dat we eindigen bij de laatste opkomst van het seizoen 2003/2004.

Het zomerkamp was het eerste wat we hebben meegemaakt. Een heel relaxt kamp in de bossen van Elp en Grolloo. Verderop in de nieuwsbrief kan je alles lezen over het zomerkamp.

Na het zomerkamp moeten we ook altijd weer opruimen. Gelukkig is de groep elk jaar lekker klein als we wat ‘vervelends’ moeten doen. Terwijl de verkenners en de vaandrigs keihard werkten, zweten, sjouwen, vegen, uitkloppen en opvouwen waren de OWH en de OWAH nergens te vinden. “Ze zullen wel weer Hopmanoverleg hebben” zegt Vaandrig Berend. De vaandrigs en de verkenners werken snel verder.

De patrouilles maken hun kisten schoon, en het zeepsop dat daarbij gebruikt wordt komt lang niet altijd in de kist. Aan het eind van de opkomst is er afgewassen, zijn de tenten opgevouwen, is al het materiaal naar de zolder gebracht, en zijn de patrouillekisten weer klaar voor NPK. Gelukkig hebben we niet alleen maar schoongemaakt, maar ook spelen gedaan zodat het een leuke dag werd.

De week erna was het alweer tijd voor een volgend kamp: het Schiet ‘m der uit. Elders in deze nieuwsbrief is te lezen hoe wij eerste zijn geworden op dit regioweekend.

Na het schiet hem der uit hebben de verkenners hun kookkunsten uitgeprobeerd. In zelfgemaakte ovens was het de bedoeling cake te bakken. En allebei de opdrachten mislukten bij de meeste patrouilles. Terwijl een deel van de patrouille een oven bouwt in de sloot, word er in het gebouw een primitief cakeblik en cakebeslag gemaakt. Lees de aanwijzingen op de verpakking en gebruik niet teveel water hadden we nog gezegd. Maar ja, de verkenners zijn nogal doof, dus dit hadden ze ook niet gehoord. Gelukkig viel er vaak nog wel wat te redden van het beslag dus het project was nog niet helemaal afgeschreven. Gelukkig is een oven bouwen niet zo heel moeilijk, dus even kijken hoe het daar gaat.
Er werden een heleboel creatieve ovens bedacht. Er was zelfs een ‘oven’ waarbij de cake rechtstreeks boven het vuur werd verwarmd (het cakeblik werd dus een koekenpan). Maar goed, toen het vuur eenmaal aan was en de cake er op stond was het alweer bijna tijd. Bij het bakken hadden een aantal patrouilles ook wat zand in de cake, maar goed, iedereen kon gelukkig zijn vingers aflikken aan het eind van de opkomst.
Op 25 september organiseerde het kader dat ging overvliegen de opkomst. Alleen Timmo en Arno waren er, de andere twee kaderleden waren verhinderd.

Samen met Timmo en Arno gingen we naar Kampsheide waar de APL’s eerst achtervolgd werden. Hierna was het tijd voor Tonnenroof. De patrouille gnoes (leiding) moest het opnemen tegen de andere patrouilles. De heide werd onveilig gemaakt en de tijd vloog voorbij. De Gnoes konden het niet opnemen tegen de vier andere patrouilles maar dat kon de pret niet drukken.

Het was al snel tijd weer naar het gebouw te gaan. Dit was de laatste opkomst voor het overvliegen, dus ook de laatste opkomst met de groep van 2003/2004.

Want de week erna was het zover. Overvliegen! De zes nieuwe verkenners die van de welpen kwamen moesten er wel even wat voor doen. Dit deden ze samen met de verkenners die naar de rowans overgingen. Jelmer, Arno, Jeroen en Timmo. Over de zeephelling van de welpen naar de trappersbaan van de verkenners. Buikschuif, apebrug, via de klap A onder het camouflagenet door. Dan over de muur en vervolgens moest je het Tora Bora gebergte in.

Aan het eind kon de Hopman zes nieuwe verkenners de hand schudden en tevens vier oude verkenners uitzwaaien. De nieuwe verkenners zijn: Pascal, Jonathan, Richard, Raimon, Jimmy en Michiel. Verder kunnen we Guido en Mark als nieuwe verkenners begroeten. Een mooie uitbreiding van het aantal verkenners.
De oude verkenners moesten nu nog overvliegen naar de Rowans. Via een kabelbaan en een ranzige sloot konden zij ook aansluiten bij de Rowans. Diezelfde dag nog werden de nieuwe patrouilles bekend gemaakt en konden we nog even paaltjes-trefbal doen in het bos.
En dan komen we bij afgelopen zaterdag. We gingen hakken met de Hopman. Voordat er iets geleerd werd over hakken met de bijl, gingen we eerst beren. Daarna splitsten we ons op en gaf de Hopman de jongste jongens les in hakken met de kleine bijl. Vaandrig Rob en Vaandrig Nelis controleerden of de tweede en derde jaars het allemaal nog wel wisten en assistent Hopman Blom en Vaandrig Joost leerden omgang met de “driekwart-bijl” Er is slechts een gewonde gevallen: er is een driekwart-bijl gesneuveld. Snel tijd voor een potje voetbal en vette haas. En toen was het al snel weer tijd om naar huis te gaan.

Dit is het begin van het nieuwe seizoen. Een nieuw seizoen waarin we weer veel gaan doen en er al weer een boel op het programma staat.
Het programma m.b.t. vakanties en bijzondere opkomsten kun je trouwens vinden op internet: http://www.scoutnet.nl/~jpg.
Hierop hebben wij een geheel vernieuwd digitaal troeplokaal.
Er staan recente foto’s op, er komen binnenkort logboeken en wordt ook regelmatig bijgewerkt met nieuwe foto’s. Ook alle brieven die we aan de verkenners uitdelen staan op de site. Zeker de moeite waard om een keer per week een kijkje te nemen, of om wat in ons gastenboek te schrijven.

Misschien tot ziens op het gastenboek, en misschien begroeten we elkaar in het ‘echte’ troeplokaal!


(naar boven)

(naar boven)

Troeppraat 2
“Bij de familie El Pasta…”
door: Laurens Velthuizen

Met zomerkamp zaten wij bij de Ieberenplas in de buurt van Elp.
Toen we daarheen gefietst waren moesten we tenten, keukens… bouwen. ’s Avonds kwam El Pasta langs om te zegen dat één patrouille bij zijn familie ging horen (elke patrouille was een familie) en we allemaal spelletjes moesten en wie het meest zijn best had gedaan won.

De 2de dag moeten we ‘drugs’ naar de overkant van de Ieberrenplas brengen, dat waren 48 strandballen per familie bij ons ging het niet zo goed wand het lukte niet. De 3de dag gingen we hike lopen dat best makkelijk maar iedereen liep fout omdat we dingen over het hoofd zagen. We gingen slapen in shelters (een zeil aan een boom gebonden). Arno’s familie vond het leuk om eerst nog langs Amen te lopen en kwamen iets later aan.
De 4de dag liepen we terug naar het kamp terrein en we gingen weer eten koken.
De 5de dag gingen we chille omdat we gehikt hadden en de ouders avonds kwamen wij (kader) deden spel met de ouders.
De 6de dag werd Jeroen ontvoert en moesten wij hem zoeken. Hij zat in Westerbork vast een boom. Dat was wel boud voor hem wij vonden het wel leuk de 7de moest het kader behalve Rinnert de wc’s, douches, wasbaken schoon maken omdat we een half uurtje te laat waren. Maar de leiding wist nog niet dat Peter de slaapzakken van Niels en Rob in de boom had gehangen dat vonden zij wel boud. Toen ging iedereen zwemmen behalve kader omdat we ook de vuurtafels moesten af breken. En Alex zei dat we ook het strand moesten opruimen maar dat was gefuck dat was boud. En toen gingen wij ook zwemmen dat was chil en de bbq was ook chil en chille in Alex auto was ook chil.
8ste dag gingen we alles af breken. En terug naar het gebouw fietsen.


(naar boven)

(naar boven)

Troeppraat 4
“Wie is de beste groep van de regio?”
door: Assistent Hopman Blom

Als je dan na een lange fietstocht eindelijk in Dwingeloo aankomt, moet je ook nog eerst je tent opzetten. Wat een vervelend weekend staat er weer voor de boeg. Dit zal de gedachte van menig verkenner geweest zijn. En dan ook nog een regio-weekend, hoe erg kan het zijn?

Omdat er maar twee patrouilletenten mee waren, werd de groep dan ook maar in twee groepen verdeeld. Het kader en het niet kader. De niet kaderleden hadden hun tent zo staan. Daarna konden ze even wachten op het kader.

Nadat het kader ook eindelijk hun matjes en slaapzakken hadden liggen, konden we samen met de andere groepen meedoen aan het kennismakingsspel. Dit spel was het meest fantastische spel wat de leiding kon bedenken: het Siciliaans spaghettisliertspel. Maak een zo lang mogelijke rij van mensen waarbij je alleen met je handen op de grond mag komen. Op de volgende foto doen de oude wijze hopman en senior vaandrig Berend even voor hoe het moet.

Na dit prachtige spel was het tijd voor het kampvuur. Hier deed iedereen heel enthousiast mee. Vooral Cheizberd die tijdens het dansen toch wel enkele keren viel. Helaas namen we na het kampvuur afscheid van Cheizberd als leiding. Na het uitwisselen van kadootjes over en weer en fris met chips was het tijd om de tenten te bezoeken. De leiding moest namelijk met de andere leiding gaan vergaderen. De volgende dag stond in het teken van Schiet ‘m der uit. Er waren drie wedstrijden. Een boute wedstrijd om wie de mooist aangeklede blijde had, een chille wedstrijd om wie het verst met de blijde schoot en nog een chille wedstrijd om wie het preciest kon schieten. Na een ochtend knopen en pionieren konden de wedstrijden beginnen. De gelegenheidspatrouille “de viezerikken” schoot als eerste.
Best aardig dat schot van 41,2 meter ver. De andere patrouilles schoten ook.

Meestal als je een blijde maakt laat je die staan en ga je er mee schieten. Helaas hadden de verkenners er geen rekening mee gehouden dat de blijdes ook nog verplaatst moesten worden. De knopen waren precies zo hard aangetrokken dat zodra je een blijde optilde hij bijna uit elkaar viel. Aan het eind van de middag kwam er af en toe een hoopje hout en touw voorbij waar met veel fantasie nog een blijde van te maken was. Het eerder genoemde schot van 41,2 meter werd de hele middag niet overtroffen.

De eerste prijs was binnen. Bij het precisie schieten kwam als laatste de patrouille “de smeerlappen” aan met een vormeloos hoopje hout en touw. Wonderwel schoot dit wel het meest precies. De tweede belangrijke prijs was buitgemaakt.

De derde patrouille heeft de rest zo goed aangemoedigd dat zij zelf niks meer presteerden met hun blijde. Na het afbre-ken van de blijdes, konden de prijzen opgehaald worden.
Prachtig dat het zo kan. Hierna werden de fietsen in Max geladen en de verkenners in wat auto’s en gingen we weer terug naar Assen. Het was een geslaagd kamp.


(naar boven)

(naar boven)

Joop van der Knoop
“Joop bakt ze bruin”
door: dhr. J. van der Knoop

Vandaag heb ik het over broodbakken. Elke Scout heeft het ongetwijfeld een keer gedaan: broodje bakken boven het kampvuur m.b.v. een stok waar dan het broodje om heen zit gewikkeld. Maar wist je dat je dit ook kunt doen m.b.v. een bloempot?

Wat heb je nodig?
– Veel hete as in een ton
– Aardewerk bloempot (liefst zonder gat)
– Bakpapier (bij een gebruikte bloempot)
– Boter (bij een nieuwe bloempot)
– Brooddeeg
– Jam of suiker
– Mes
– Iets om de bloempot uit de ton te halen

Hoe ga je te werk?
Zorg er eerst voor dat je veel hete as hebt. Smeer in de tussentijd je bloempot aan de binnenkant goed in met boter. Niet te veel, want dan heb je kans dat je brood gaat drijven in de boter. Heb je een gebruikte bloempot stop er dan bakpapier in. Het papier mag niet over de rand van je bloempot heen vallen, want dan heb je kans dat dit gaat branden. Maak in de hete as een kuil groot genoeg dat je bloempot er in past. Zet daar je bloempot in en schep as rondom je bloempot. Nu is het wachten totdat je broodje gaar is. Dit kun je zien aan de bovenkant van je brooddeeg. Haal de bloempot dan voorzichtig uit de ton (bloempot is heet!) en keer deze op een tafel voorzichtig om. Als je het goed hebt gedaan, valt het broodje er uit. Mocht dit niet gebeuren dan kun je aan de binnenkant langs de bloempot met een mes het broodje los maken. Misschien kan het zijn dat de buitenkant van je broodje zwart is geworden. Als je dit met een mes eraf schraapt dan valt het zwarte eraf waarna er een bruine korst te voorschijn komt.
Maak tenslotte een gat aan de bovenkant van je broodje, vul dit op met suiker en/of jam en je zelf gemaakte broodje is klaar!

Eet smakelijk!!!


(naar boven)

Rowannieuws
“Een zomerkamp met tegenvallers? “
door: Thijmen Komen en Mark Slagter

Ook de Rowans zijn weer gevraagd om een stukje te schrijven voor de nieuwsbrief. Het is alweer een tijdje geleden dat er een stukje van ons heeft ingestaan dus volgt hier een verhaal van zomerkamp en het overvliegen.

Zomerkamp was dit jaar in België, ja onder Nederland en boven Frankrijk. Onze eindbestemming was ergens in de Ardennen. Dus wij gingen zeer vroeg in de morgen op 26 juli richting de Belgische Ardennen.
Toen de snelheid eindelijk in onze “Fiat Ducato” zat moesten we alweer afremmen in Hoogeveen om Wim op te halen. Na een reis van 6 a 7 uur en zeer veel zoeken kwamen we dan eindelijk aan in Heure. Iets buiten dit dorpje lag onze kampplaats.
Tegenvaller nummer 1 was het probleem dat er in dit o zo rustig gelegen Heure geen kroeg te vinden was om ’s avonds even kennis te maken met de Belgische Bieren.
Ons kampterrein was zeer mooi maar heel eenvoudig, wij moesten genoegen nemen met stoffige wc’s en ijskoude douches. Maar als het de hele week 30 graden is, wordt zo’n ijskoude douche een zeer verfrissende douche.
De eerste 2 dagen hebben we lekker gechilld en de omgeving verkend, dus de lokale winkels en accommodaties bekeken.
Het eten moest per tentgroep gekookt worden op benzine en gasbranders. Dit zorgt voor een gezellige kookervaring en strijd onderling wie als eerste klaar is. Voor de 2 mensen (waarvan de namen niet genoemd zullen worden) was het een wijze les om voor volgend jaar goed kookgereedschap mee te nemen. Stefan en Dennis zullen ook wel begrijpen dat dit een stille hint is.

Ons programma zag er verder als volgt uit:
Een paar uurtjes kajakken, en dit werd voor ons een hele dagtrip.
Die hard mountainbiken, ofwel, hard over bospaadjes gaan met losliggende rotsblokken en modderpoelen, steile hellingen die zonder schrik en met piepende banden werden genomen. En aan het eind in het dorpje genieten van de Vlaamse Frieten.

Een dagje aan de Ourthe liggen, dus als echt Nederlanders een vette dam bouwen. Zo vet dat de mede rivier gebruikers in hun kajak er “ondersteboven” van lagen. Stel je maar eens voor dat je lekker een dagje aan het kajakken gaat en ineens wordt de rivier wild en 20 meter smaller en daar staan dan 15 Rowans met een waterkanon in de aanslag. Zo was er ook een “wat gezette” man die in het Frans bezwaar tekende tegen het spuiten van water in zijn boot. Mark snapte het niet zo en dat heeft deze man na veel moeite met het uitstappen van de kano even duidelijk uitgelegd.

Naar het historische Bastogne geweest en daar ook het indrukwekkende museum bezocht.
Tijdens de 2e Wereld Oorlog was in Bastogne een hevige strijd gevoerd tussen (alweer) de Duitsers en de Geallieerden.

Als u even terug kijkt naar de “1e tegenvaller” dan leest u hier verder waarom dat juist deze avond een probleem was. Wij zaten lekker bij het kampvuur te genieten van de laatste biertjes. De begeleiding had zogenaamd een kroegje gevonden en wilde daar samen met ons van genieten. Na een kwartiertje rijden werden we eruit gezet in de middle of nergens. Toen mochten wij het hele stuk teruglopen naar ons kampterrein. Geen kroegje,geen biertje maar een heel stuk lopen. Gelukkig was het een mooie heldere nacht en de echte scouting feeling kwam weer in ons boven. Na 2 uur lopen en een aantal plaatsborden later werden we opgepikt door de begeleiding die er niet in geslaagd was bin-nen die twee uur ergens een café voor ons te vinden, dit was tegenvaller nummer twee.

Het gaafste van dit alles moet nog komen.
Het motto van dit zomerkamp was “actief zijn” het was dan ook niet de bedoeling om als een stel “Costa del Sol gangers” rond te gaan hangen. Vandaar dat de begeleiding een hike had uitgezet door de Ardennen met als eindbestemming Heutes des Rivieres (FR) Deze tocht koste ons de nodige zweetdruppels maar de geweldige uitzichten en de prachtige omgeving maakte dat allemaal de moeite waard.
Wederom in de “middle of nergens” wild gekampeerd. Hier zijn we tot na de mooie zonsondergang wezen abseilen. Omdat wild kamperen uiterst illegaal is zijn we vroeg in de morgen om 5 uur weg gegaan. Met onze eigen klimuitrusting zijn wij de hele ochtend wezen klimmen. Dit was naar onze mening het coolst.

Tegenvaller nummer 3.
Terug op het kampterrein bleek dat 1 van de busjes kapot was. Wij raden u aan NOOIT een “voertuig” te huren bij Stuur autoverhuur Groningen (Neem eens een kijkje bij de Vries).
Het was niet pedagogisch verantwoord om met/zonder versnellingsbak de volgende dag terug te rijden naar Nederland. Dus de volgende ochtend heel vroeg zijn we met 9 personen in 1 busje terug gereden naar Nederland. Dit was niet echt comfortabel als je knieën tegen je kin aan zitten, en dat 6 uur lang.

3 personen bleven achter en konden de volgende dag naar de wat rommelige stad Luik om met een vervangend vervoersmiddel terug te rijden (mooie VW Passat, zat wel iets ruimer.)
Het was echt een uber coowl zomerkamp.

Het overvliegen vond plaats in het weekend van 1 oktober.
De 4 toekomstige rowans hadden een hele paklijst gekregen dus de tassen werden eerst gecontroleerd. Ze mochten met hun meegebrachte schep de sloot gaan uitgraven waar ze de volgende dag doorheen mochten kruipen.
Er was een fietstocht uitgezet met als eindpunt Taarlo. Vanaf daar werden ze in de auto’s gezet en ergens gedropt. Het duurde erg lang voordat ze weer terug waren op het gebouw. Aangekomen op de Hout-laan waren de 4 helemaal doorweekt van de regen. Nog even graven en toen naar bed. Volgende ochtend om een uurtje of 9 waren we eruit. Ontbijten en dan gelijk weer graven als ochtendgymnastiek. Lopend mochten de overvliegers richting de havenkade lopen om daar een vlot in elkaar te knopen. Na anderhalf uur varen waren de overvliegers nog niet echt ver. Dus het vlot uit elkaar halen en snel terug naar het gebouw om op tijd te zijn voor de opening. Dit lukte helaas niet aangezien “iemand” een lekke band kreeg. Toen mochten ze over een mooie stormbaan die door de andere speltak leidingen was gemaakt. Toen mochten de 4 door de sloot heen wat vol lag met vies slootwater en koffiedik.
Na het eind toen iedereen lekker onder de douche weg kwam hebben we wat gedronken en gingen we even rustig zitten.
Het overvliegen was geslaagd.


(naar boven)

Het interview
“Lees alles over Jorien Sanders…”
door: DE Redactie

Soms is ook de redactie wat laat met haar eigen stukjes. Zo bedenken we de nacht voor de deadline dat we nog een interview moeten hebben voor in DE Nieuwsbrief. Gelukkig zijn we op een feestje waar toevallig ook nog wat andere JPG- en AVD-ers zijn. Besloten wordt om Jo-rien Sanders te interviewen.

Jorien vindt het leuk om Yorin genoemd te worden. Yorin is getrouwd met Marco Sanders. Samen met hun kinderen Julius en Morris wonen ze aan de Venestraat in Assen.
Jorien zit bij scouting “om knopen te leren en om flexibel te flexen”. Eerst als welpenleiding (Raksha) en sinds kort rowanbegeleidster. De groene mannen waren wel leuk om te doen, maar omdat ze al veel tussen de kleine kinderen zit, was ze wel toe aan een andere leeftijdsgroep. Yorin is vorige week dan ook overgevlogen naar de Rowans. Tijdens de fietstocht samen met twee ex-verkenners heeft ze ook veel geleerd over de agrarische activiteiten in de wijde omgeving van Assen. Via deze weg wil ze dan ook nog even Arno bedanken.
Graag wil deze 26-jarige vrouw een nieuwe rubriek in haar favoriete tijdschrift beginnen: “Yorin de’r column”. In de volgende DE nieuwsbrief kunt u dit lezen.

Het lijstje van Jorien Sanders:
Favoriete tijdschrift: DE Nieuwsbrief
Favoriete stamlid: Marco Sanders.com
Favoriete eten: Broodje ijs
Favoriete drank: B**r
Favoriete boek: De ontdekking van de hemel van Harry Mulisch
Favoriete hopman: Alex Visser


(naar boven)

Van DE Redactie
“Misschien kan de wereldpers er nog wat van leren”
door: DE Redactie

Na een lange zomer is de tijd eindelijk weer aangebroken waarop DE Redactie van DE Nieuwsbrief zich onder het genot van koffie achter de computer mag nestelen.

Voor deze nieuwsbrief hebben wij ons graag laten uitnodigen bij Hans de Visser die tussen de bergen speelgoed van zijn kinderen nog wel ergens een PC’tje had staan. Omdat zijn woonplek zich ergens in het doolhof dat Peelo heet bevindt, was het juiste adres vinden geen gemakkelijke speurtocht. Het geestelijk brein achter deze Asser wijk moet bij het tekenen zijn liniaal zijn kwijt geweest want elke straat lijkt uit dezelfde losse pols getekend. Gelukkig bleek een wildvreemd, maar zeer behulpzaam echtpaar bereid om de nodige begeleiding te bieden. De wandeltocht vanaf de bushalte was zo gezellig dat wij overwegen om de volgende keer bij deze opa en oma langs te gaan. Nadat wij kennis hebben gemaakt met Shana, de hond, en de eerste kop koffie achter de kiezen hebben, kan het werk beginnen. Helaas moeten wij het deze keer zonder Dirk-Jan doen. Zijn uitmuntende journalistieke werk aan dit blad heeft er namelijk toe geleid dat de Wold Press interesse in zijn kennis en ervaring heeft getoond. Onze chef buitenland zal vandaag een master-klasje geven. Hoewel het hier misschien om een wat amateuristisch fotoclubje gaat hebben wij besloten onze rijke kennis en professionaliteit niet voor onszelf te houden. Misschien kan de wereldpers er nog wat van leren.
Aan de keukentafel wordt inmiddels hard gewerkt aan de verwerking van aldi ingekomen stukjes. Naast de koffie zorgt Hans voor het nodige commentaar op ons creatieve werk. Journalistieke ethiek verbied het ons echter om veel van zijn woorden hier te herhalen. En voor wie dit niet begrijpt en dus onbekend is met Hans taalgebruik moet een verklarende noot worden toegevoegd: Hans werkt normaal op zee.
Wat deze nieuwsbrief betreft wijzen wij al vast vooruit op de kleurrijke verhalen van de belevenissen van de speltakken. Daarbij danken wij de verkenners hartelijk voor het inleveren van een mooie set foto’s ter illustratie. Ook de PAG laat weer van zich horen en bovendien bevat deze nieuwsbrief schitterende verslagen van de zomerkampen. Wat ook niet onvermeld mag blijven is de vernieuwde JPG-site die nu nog meer uitnodigt voor veelvuldig bezoek.

Wij wensen u veel plezier bij het lezen van deze nieuwsbrief.


(naar boven)

Hordenieuws
“De welpen in de ban van McEvil?”
door: Chil

Zaterdag 7 augustus verzamelden 16 welpen en de leiding zich bij het troepgebouw voor het jaarlijkse zomerkamp.
Bestemming: het pittoreske dorpje Haggis gelegen in de oeroude bossen van Schotland (nabij Doldersum).

Na een lange fietstocht afgewisseld met wat verkoeling kwamen we aan. Het dorpje zag er aardig uit: een poort, een eeuwenoude wensput en uiteraard een schavot. De welpen werden onderverdeeld in drie clans, geheten: clan McBloe (met de blauwe kleur), clan McPeen ( met de oranje kleur) en clan McWhite (met de witte kleur). De tenten stonden al maar verder waren de clans nog kaal. Als eerste moest er dan ook begonnen worden met het bouwen van een eigen dorpje met een omheining en wastafel. McBloe en McPeen waren erg creatief met het bouwen van een poort. Na al dat bouwen en een maaltijd werd het tijd voor wat vertier. Op een mooie open vlakte werd een spelletje gespeeld. Plotseling verschenen daar opeens twee oude Schotten al zwaardvechtend op het toneel. Na een spannend gevecht droop er een af. De ander liep vermoeit naar de welpen toe en begon zijn verhaal. Zijn naam was McRight (omdat hij altijd met zijn rechterhand vecht) en is al 475 jaar in gevecht met McEvil (de slechterik van het gebeuren). Deze strijd duurt al zo lang omdat beide krijgers even sterk zijn. McRight mag dit gevecht niet winnen omdat Schotland anders onder het duistere bewind komt van McEvil. McRight was de afgelopen eeuwen ook al bezig met het vinden van een duistere druïde die de afgeloop van het gevecht kan bepalen en het lot van Schotland. Besloten wordt dat McRight en McEvil de strijd gaan bepalen met het spelen van Schotse games, hierbij geholpen door de welpen. Hiervoor zou de komende dagen veel voor getraind worden om McEvil te kunnen verslaan. Op zondag werd begonnen met het paalwerpen en de ‘timberwalk’, een parkoers wat gelopen moet worden met een flink stuk hout. Onder het toeziende oog van McRight werd er hard geoefend waarbij de kleinste man de grootste prestaties neerzetten. McRight verdween vervolgens weer om de omgeving in de gaten te houden en op zoek te gaan naar zijn paard, die er nooit was. ’s Avonds werd het tijd om op zoek te gaan naar de druïde.
In de afgelopen eeuwen had McRight een groot deel van het bos al uitgekamd en een klein deel moest nog gebeuren. Besloten werd dat de groep in tweeën werd verdeeld: de jongste welpen gingen met McRight en Akela mee, de oudste samen met Ka.

Beide groepen liepen een deel van het bos in om het zoeken te versnellen. De jongste groep, samen met McRight, hoorde onderweg opeens hulp geroep. Alleen ging McRight erop af en kwam met een slecht verhaal terug. McEvil had de druïde net gevonden, had zijn magische kruiden gestolen en zijn hut in de brand gestoken. McRight kwam net te laat. Samen met de welpen ging McRight weer naar de druïde toe om zijn hulp te vragen. Hij vertrouwde de welpen eerste niet omdat hij dacht dat deze zijn hut hadden afgebrand. Nadat hij ze allemaal gezien had was het vertrouwen gewonnen en de druïde zou ons gaan helpen door een magische drank te maken die de welpen extra sterk zouden maken voor de games. McEvil had echter ook zijn magische kookboek gestolen en de druïde moest eerste een nachtje nadenken wat de ingrediënten waren. De oudste groep met Ka was ondertussen in een val gelopen van McEvil. Nadat hij Ka had uitgeschakeld kwam hij achter de welpen aan. Deze volgden de raad van McRight goed op: niet vechten maar rennen, zo hard je kunt. Gelukkig had McRight hun geschreeuwd gehoord en kwam opeens te voorschijn. Met geheven zwaard rende hij op McEvil af en tijdens het gevecht konden de welpen en Ka in veiligheid komen. Veilig op het kampterrein te zijn gekomen werden de avonturen van beide groepen verteld. Sahi(ti) vond de verhalen wel erg overdreven. Hij zou McEvil wel aankunnen, dat dachten de welpen ook wel. Toen iedereen weer tot rust was gekomen was het tijd om uit te rusten voor de volgende dag.
McRight verscheen opeens niet overdag om de volgende games uit te leggen, er lagen echter wel instructies klaar voor de leiding. Zou er wat gebeurd zijn? Had het te maken met het gevecht van de vorige avond? Desondanks werd er hard getraind. Ditmaal werd er zo ver en hoog mogelijk gegooid met een zware hamer en geslingerd met emmers gevuld met beton. ’s Avonds verscheen McRight opeens, hij zag er gehavend en moe uit. Zijn armen waren verbonden en er zaten scheuren en bloed in zijn kleren. Hij was gewond geraakt tijdens het gevecht met McEvil. Na even naar de welpen gekeken te hebben moest hij weer uitrusten en liet zijn zwaard achter. Opeens kwam McEvil te voorschijn en kon Sahi bewijzen dat hij McEvil wel aankon. Voor hij het echter wist had McEvil hem op de grond en het zwaard van McRight was gebroken. Gelukkig verdween McEvil hierna. Sahi kwam gelukkig met de schrik vrij en was slecht gewond aan zijn arm. De dag daarop doken McRight en de druïde weer op. McRight zag er een stuk beter uit dat de vorige avond. Hij vertelde dat de druïde hem had opgelapt met een toverdrank. Toen hij hoorde dat Sahi de vorige avond tijdens een gevecht met McEvil gewond was geraakt en tevens zijn zwaard kapot had gebroken werd hij even kwaad. Dit was een goed voorbeeld dat er niet met McEvil gedold kon worden. Gelukkig had de druïde dezelfde toverdrank bij zich waar McRight ook beter van was geworden.

Nadat hij eerst zijn excuses had aangeboden en beloofd dit nooit meer te doen moest de fles in een keer opgeslobberd worden. Het goedje gleed er niet gemakkelijk in (misschien er wel uit). Verder had de druïde een raadsel meegenomen waarmee een van de kruiden voor de toverdrank gevonden kon worden. Hierna verdwenen de oude mannen weer.
Die avond was het tijd voor de ouderavond. Nadat de welpen het hele kampterrein aan alle ouders, broers, zusjes en overige meegekomen mensen hadden laten zien en alles van de afgelopen paar dagen hadden verteld kwamen de druïde en McRight weer langs. Ze hadden McEvil gevonden. Deze lag te slapen in zijn hutje. Het plan was dat McRight McEvil zou wakker maken en afleiden. Een welp kon dan naar het hutje sluipen om de gestolen kruiden te pakken. De rest van de welpen, ouders broes en zusjes moesten op een veilige afstand wachten en als McEvil kwam moesten ze rennen, zo hard ze kunnen. Adriaan mocht mee en sloop samen met McRight naar voren. McEvil schrok wakker en meteen begon er een gevecht waar de stukken van afvlogen. Na een paar pogingen had Adriaan de kruiden te pakken. McEvil zag dit en rende richting de ouders. Deze schrokken hier kennelijk zo van dat ze stokstijf bleven staan. Gelukkig kwam McRight ertussen en al vechtend verdwenen de twee in het bos. Nadat de ouders waren vertokken en rust was wedergekeerd werd er nog een dierengeluidenspel gespeeld.
Toen we terug kwamen bleek dat een welp miste; het was Adriaan. Zou McEvil hem te pakken hebben? Wraak omdat hij de kruiden had ontvreemd? Meteen werd er een zoekactie op touw gezet en uiteindelijk werden er wat voetsporen gevonden. Deze liepen naar de uitkijktoren. Chil rende de toren in en trof Adriaan gekneveld maar gelukkig ongedeerd aan. Toen ze beneden kwamen waren alle welpen opgelucht dat Adriaan veilig terug was en moest alles vertellen. Het enige wat McEvil had gezegd was: You Wish. Dat was raar.
De volgende dag begon met regen, veel regen. Toen het weer wat droger was, was het moment daar: eindelijk mochten de welpen naar het dorp om hier hun zakgeld op te maken aan koek en snoep. Toen de avond was gevallen ging iedereen op de hei liggen sterrenkijken. Die week was er namelijk een sterrenregen en dat kon niet gepasseerd worden. Terwijl iedereen tevree op zijn rug lag waren de druïde en McRight daar opeens. De welpen vertelden wat er de vorige avond was gebeurd. Ook zij waren blij dat Adriaan ongedeerd was gebleven. Maar die woorden: You Wish. Ze zouden er over nadenken, misschien was het een aanwijzing.
De dag erop waren de druïde en McRight er niet uit gekomen. You Wish. Alles wat ze konden bedenken was het wensen bij de vallende sterren. Gelukkig kwamen de welpen op de oplossing: de wensput. De put die op de kampterrein staan staat is een eeuwenoude wensput. Deze was tijdens de ouderavond droog gelegd en toen ze erin keken lag daar inderdaad het laatste kruit: een paar prachtige paarse bloemetjes, alsof het een cadeau was. Vlug werd Christiaan erin gehangen om het kruit te pakken. De druïde en McRight vertrokken snel om de magische drank te maken. Die middag kwamen de welpen gekleed in hun kilt en klaar voor de eindstrijd bij de druïde. Iedereen kreeg een slok van het magische brouwsel en je kon duidelijk zien dat de welpen er opeens een stuk sterker uitzagen. De spieren werden gecontroleerd en toen op zoek naar McEvil. Deze vonden we onderweg. Hij was ook klaar voor de eindstrijd. De strijd barste los met het paal werpen. Alle welpen mochten eerst en wierpen zoals ze nog nooit geworpen hadden. McRight dacht dat McEvil nooit zover kon gooien en ging trots op de verste lijn staan. McEvil wierp en de paal vloog met een hoge boog over McRight heen. Hij had McEvil onderschat en moest nu zelf werpen om niet op een achterstand te komen. Hij bereide zich goed voor en wierp. De paal vloog door de lucht en lande precies naast die van McEvil. Gelijkspel, beide krijgers zijn even sterk. Het tweede spel was het slingeren met de emmers. Na alle welpen was McRight. Deze slingerde echter niet ver genoeg want McEvil kwam er overheen. Het was de beurt aan Ka om de uitslag te bepalen. Gelukkig slingerde hij net verder dan McEvil en de welpen stonden met 1-0 voor. Het hamer werpen: de welpen wierpen wederom als echte Schotten. McRight wierp ver maar helaas stond er een boom in de weg. Hierdoor kreeg McEvil de kans om er een 1-1 gelijkspel van te maken. De laatste game moest de uitkomst brengen: de tonnen race. De welpen wisten wat het lot van Schotland was en de ton vloog letterlijk door het bos. McEvil stond erop dat McRight voor hem ging. Gelukkig was McRight erg goed in dit onderdeel en kwam met een knal over de finish. Alles hing nu af van McEvil; als hij won zou Schotland in een duistere tijd komen. McEvil ging van start. Hij vloog er vandoor maar wist de route kennelijk niet meer. Hij liep compleet verkeerd het bos in en de strijd was beslist. McEvil was verslagen. Het goede had overwonnen. Nadat McRight de welpen had bedankt voor hun hulp en dat het nu tijd was voor een groot feest met veel vlees en lekkernijen vertrok McRight. Hij had McEvil vastgebonden en ging naar de druïde waar McEvil de rest van zijn leven werd vastgeketend.
Helaas sloeg toen het noodlot toe. Het weer sloeg om, weg zon en hallo regen. Veel regen. Had McEvil dit op zijn geweten omdat hij verslagen was? Onder twee zeiltjes en werd de gebruikelijke barbecue gehouden met behulp van gaspitten en koekenpannen. Het bleef echter regenen en niet een beetje ook.

De leiding begon met het graven en boren van een afwatering om de tenten heen waarbij de Deltawerken in het niets vallen. Het mocht niet baten en gevreesd werd dat alles zou onderlopen. Besloten werd dat de kinderen beter geëvacueerd konden worden. Na een hoop bellen en uitleggen werden alle kinderen snel opgehaald door de ouders. Voor we het wisten waren alle welpen verdwenen en bleef de leiding achter op een ondergelopen kampterrein om de volgende dag alles af te breken.
Ondanks dit abrupte en vroegtijdige einde was het een tof kamp.


(naar boven)

Troeppraat 3
“Sisal snij je toch niet door…”
door: de OWF en de OWAF

Wat hadden wij – de OWF en de OWAF – en zij – de vaandrigs en verkenners – er een zin in. Zij een weekje leuk op kamp, wij een weekje f*cken.

De eerste dagen was het voor beide partijen nog even inkomen. Vooral “zij” hadden wat start problemen. Het kampterrein werd in een zeer laag tempo opgebouwd. Het ging zelfs zo langzaam, dat er niet gekookt kon worden op hout-vuur. Voor straf moesten de verkenners maar zwemmen, zodat de vaandrigs de tijd hadden om op gas te koken. Als snel kwamen tijdens het kamp de eerste klachten over de kaderleden. Zo werd de PL van de patrouille vossen verweten dat hij zelf niks deed en alle vervelen-de klusjes overliet aan de jongere patrouille leden. Gelukkig gaf hij dit ruimschoots toe en beloofde hij beterschap. De interim PL van de panters maakte het zelfs zo bont dat hij een van zijn patrouilleleden heeft geslagen met een bijl. En dat alleen maar omdat hij niet snel genoeg zou hakken.
Zoals gewoonlijk was er ook dit zomerkamp weer een tweedaagse hike. Hier bleek weer eens dat de vaandrigs niet zonder de oude wijze hopman en de oude wijze assistent hopman kunnen. Vaandrigs gaan er van uit dat de zeiltjes vanzelf op de bivak komen. Eten hoeven de verkenners twee dagen niet en koffie wordt er niet door de leiding gedronken. Dan besluit je toch maar soep mee te nemen. Een goed vaandrig zorgt er dan voor dat de pannen in Max komen op de ene post en de gasfles in de auto op de andere post. De allerslimste vaandrig komt dan op het idee de gasfles maar naar post 1 te brengen, jammer dat de soep inmiddels bij post 3 was gearriveerd. Een goed vaandrig verteld aan de verkenners dat als hun water op is, zij maar moeten aanbellen bij een huis of boerderij of ze hun flessen mogen vullen. Op zich heel goed, beetje jammer dat je 9 kilometer lang geen huis of boerderij tegenkomt. Genoeg over de vaandrigs, terug naar onze f*cktiviteiten. Verkenners geloven namelijk alles. Zo was de bivak bij de twee snackbarren achter de herberg, heeft de hopman een half broertje bij de verkenners en zijn de hopman en zijn assistent tijdens de bivak op het koperen huwelijksfeest van Otto-Jan geweest. Geloof je niet dat Otto-Jan een AVD’er is geweest en zijn feestje geeft, dan bel je toch gewoon je vader om dat te checken?
Twee patrouilles liepen tijdens de hike de hele tijd samen. Veel verkenners ergerden zich hieraan. Maar de PL’s zijn de baas en bleven bij elkaar.

Wij snappen best dat als je een beetje verliefd op elkaar bent, je steeds bij elkaar wilt zijn, maar we hebben ze hier wel even op aangesproken. Een van deze twee PL’s is nog ontvoerd geweest door El Tortilla. De andere PL miste zijn vriendje heel erg. Daarom kreeg hij van ons even de tijd om een liefdesbrief te schrijven. Gelukkig vonden we de ontvoerde PL later die dag terug in Westerborger. De vriendjes waren weer herenigd.

De vaandrigs wilden een dagje klimmen, dit hadden zij al ver voor het zomerkamp bedacht. Zo’n klimwand reserveren kan je het beste op de dag dat je van plan bent te klimmen doen… Gelukkig waren de oude wijze hopman en zijn assistent zo goed om een andere klimwand te vinden in de omgeving. Er bevind zich niet alleen in Borger een klimwand, maar ook in Elp. Wij hebben om te kijken hoe de wand was even een 5B geklommen. De vaandrigs vonden na de klimwand ook geïnspecteerd te hebben, de klimwand niks. Het klimmen ging helaas niet door.

Sommige verkenners verliezen hun fietssleutel, erg dom. Om toch mee te mogen naar het dorp, zijn de hopman en de assistent hopman zo goed dat je met hun mee mag rijden in de auto. Je moet hun muziekkeuze wel voor lief nemen. Ook al leidt dit tot beschamende momenten tegenover leuke meisjes.

Hadden we al verteld dat je verkenners alles wijs kan maken? Het kost geen moeite om iemand te laten geloven dat hij een scheur in zijn tent heeft. Een “oud-” PL geloofd echt alles. Als je hem wijsmaakt dat hij zijn kliekje macaroni uit zijn patrouillekist wel weg mag gooien, klimt hij toch maar op zijn krukje om zijn kist te checken. Je weet toch wel wat je in je kist hebt…

Omdat het kader over het algemeen toch redelijk functioneerde, kregen ze een nachtje vrij. Ze moesten om een bepaald tijdstip terug zijn en dit waren ze natuurlijk niet. De hopman en de assistent hopman hadden het grootste gedeelte van het kader al snel gevonden. Nadat de hopman had meegedeeld dat de leiding niet boos, niet kwaad maar diep teleurgesteld was en ze de consequenties wel zouden merken, konden de verkenners hun slaapzak opzoeken. Dat “slaapzak opzoeken” ging trouwens sommige vaandrigs wat minder goed af. Hun slaapzakken hingen hoog in een boom. Met vriendje P. valt niet te spotten.

Een kaderlid functioneerde volgens ons wat minder goed dan de rest. Hij luistert naar de leiding, gaat er in tegenstelling tot de rest ’s nachts niet uit. Ook dit kaderlid hebben wij even apart genomen en ook hij heeft beterschap beloofd. De consequentie van te laat komen hebben de kaderleden gemerkt. Heel toevallig moesten wij die ochtend na hun uitstapje het toiletgebouw schoonmaken. Het toiletblok heeft nog nooit zo geglommen. De hopman was niet snel tevreden. De rest van de verkenners was ondertussen klaar om te gaan zwemmen. Helaas konden de kaderleden niet mee. Vrolijk zwaaiend gingen de verkenners met de vaandrigs en assistent hopman weg. De kaderleden konden niet eens sportief terug zwaaien. Van de hopman moesten ze hun vuurtafels afbreken. Natuurlijk snij je het sisal niet door, maat schiet je dat op. Als blikken konden doden, leefde de hopman niet meer. De kaderleden hadden gelukkig niet door dat de hopman de grootste moeite had om niet in lachen uit te barsten. Ook het strand moest nog opgeruimd worden. Volgens de boswachter hadden de verkenners er een gigantische zooi gemaakt. Uiteindelijk mochten de kaderleden ook gaan zwemmen. De hopman en de assistent hopman waren zo goed geweest de lunchpakketjes voor de kaderleden te smeren. Heeft het gesmaakt???
In het zwembad keken de jongens hun ogen uit Er waren knappe meisjes en minder knappe meisjes. Normaal laten jongens aan de knappe meisjes blijken dat zij ze wel leuk vinden. Onze verkenners echter niet. Die vonden het leuker om de “niet knappe meisjes”er met stille hints op te wijzen dat ze niet knap zijn. In het zwembad hebben we ook kennis kunnen maken met de dubbelganger van de vriendin van de assistent hopman. Een VET leuk vrouwtje in haar bloemetjespak. Het zomerkamp liep al weer op zijn einde. Er rest ons nog een BBQ. Als je maar zegt dat er alcohol door de bowl zit, worden verkenners vanzelf aangeschoten. Er waren zelfs verkenners die met alcohol nog achter het stuur kropen. Als de hopman vriendelijk om zijn tas vraagt, schrikken ze hier ontzettend van. Zou de hopman boos zijn? Wat hebben we nu weer verkeerd gedaan? Belachelijk die gedachte natuurlijk. De hopman wou alleen zijn tas hebben.

Ouders die ongerust zijn of wij de verkenners wel genoeg vitamines geven, kunnen ons altijd bellen tijdens een kamp. Wij voeren uw zoon graag bij. Ook als hij zijn olvarit fruithapje wat minder lekker vindt.

Wij de OWF en OWAF vonden het een geslaagd kamp. We denken dat zij dat ook vonden.


(naar boven)

(naar boven)

Stamgezwam 1
“De AVD buiten gewoon actief”
door: Doedel

In de winter van 2002 heeft de AVD besloten om extreem goed te worden in snowboarden. Geheel volgens alle verwachting hebben wij de edele status van extreme boarders inmiddels ruimschoots bereikt.

In de wintermaanden rest ons nu niets anders dan met zichtbare verveling onze threesixties en nosegrabs aan het grote publiek te tonen.

Op zoek naar een volgende uitdaging kwamen wij vlak voor de grote zomervakantie toevallig in het pittoreske Harkstede. Een verdwaalde sleeplift bleek hier dwars over het water te lopen. Binnen een paar minuten stonden alle AVD’ers in ongelooflijk strakke badpakken op een rijtje. Bart nam als een van de eersten het lijntje en zeilde weg. Zwaar gemotiveerd door deze soepele start lieten de volgende zes AVD’ers zich met een bloedgang diep onder water trekken. Tegen de tijd dat de zesde AVD’er zijn eerste liter water terug in het meer had gespuugd, kwam Bart weer langs voor zijn tweede rondje. Na enige oefening bleven er toch steeds meer lijntjes steeds langer strak staan. Van de liftbediende hadden we te horen gekregen dat als je viel en in de baan van je achtervolger dobberde je hard moest schreeuwen en zwaaien. De achtervolger kon je dan ruim ontwijken en als dat niet lukte kon hij zich ruim op tijd laten vallen. Nike had goed geluisterd.

Hij schreeuwde hard en zwaaide. Kinky hing ver in de bocht, en vloog met topsnelheid recht op zijn dobberende broer af. Aan zijn blik was te zien dat hij loslaten niet als een optie beschouwde. Tussen Kinky’s Wakeboard en Nike’s hoofd zat niet meer dan een paar centimeter. Maar hij had de bocht gehaald en Nike kon weer trots zijn op zijn kleine broertje.

Niet zo lang geleden was de AVD op een geheel andere wijze en onder geheel andere omstandigheden ook actief. Tijdens het jaarlijkse beginweekend, waarvoor wij door JoSiBe-Tours waren uitgenodigd belandden wij ergens in de omgeving van

Nijverdal in een klimschuur. Op de dikke mat onderaan de steile klimwand lag een groot deel van de actieve stamleden in diepe rust te Dirken. Ook de bedenker van deze mooie vakterm lag zelf zijn naam eer aan te doen.

Deze massale coma is goed te verklaren aan de hand van de gebeurtenissen van de vorige avond. Nadat we die avond onze stamtent hadden opgezet hoorden we van een van reisleiders dat de nieuwe lichting stamleden ergens in de buurt van ons kampterrein was beland. Met het hele wagenpark rukten we vervolgens uit om deze jongens op te sporen om ze op een willekeurige plek in bos weer los te laten. Keihard werken en de beker vla smaakte aan het einde van de rit dan ook goed. De volgende ochtend begon de dag vroeger dan we gedacht hadden.

Na de dikke mat en een vette lunch kwamen wij die volgende dag aan op de golfbaan om een lekker balletje te slaan. En verdikkeme… Roderik-Willem was er ook… Die avond kozen we een uitmuntend restaurant uit voor het diner. De Chinese dames van de bediening konden gelukkig prima Nederlands maar hadden nog wat moeite met de intonatie. Elke vraag klonk als een direct bevel, en als zo’n meisje weer met vuur in de ogen: “jij bier?” riep, durfde niemand te weigeren. Niets te klagen dus. Als de verwarming twintig graden lager had gestaan hadden we er nog veel langer gezeten. In de koelte van het kampvuur genoten we tot slot van de rest van onze “drie-sterren-verrassings-trektocht”. JoSiBe-Tours bedankt.


(naar boven)

Stamgezwam 2
“Hé Olsen, laat Aldi handjes eens wapperen”
door: Aflex

In navolging van de NJ 2000 werd afgelopen zomer de tweede nationale jamboree gehouden in Nederland. De AVD was door de organisatie om terreininrichting voor onze rekening te nemen. Dit betekende zo’n 85 tenten bouwen, duizenden vierkantie meters vloeren leggen, honderden meters hek plaatsen en het interne transport van de NJ verrichten. Een klus naar ons hart.

Met ruim 20 AVDers reisden wij het weekend van 16 juli af naar Boxtel, onze thuishaven voor de komende 24 dagen. De eerste dagen stonden vooral in het teken van het verspreiden van al het materiaal over het terrein en het bouwen van tenten. Het bouwen van de ten-ten ging niet altijd even soepeltjes. Onze grote “vrienden” van Van der Werff hadden weer eens echte meuk afgeleverd, en de helft ontbrak ook nog eens. De NPK tenten konden we wel gewoon opbouwen, alleen van die tenten was het jammer dat de tweede avond een aantal tenten in een storm weg vlogen met haringen en al.

Ondanks de vele regen of de hitte verliep de opbouw voortvarend. Al snel stonden her en der de tenten verzien van vloerplaten, en werden stukken die niet voor deelnemers bedoeld waren afgezet met hekken. Om alles over het terrein te verspreiden konden we gebruik maken van een uitgebreid wagenpark. Naast Max en Lex was de Frayelema er met 3 tractors en hadden we twee Manitous.

Op 26 juli, de aankomst dag van de deelnemers, zat onze klus er op. Tien dagen rusten tot “ze” weer vertrokken waren. Aan onze rust zijn we niet echt toegekomen. Er kwamen allemaal spoedklussen tussendoor. Zo moesten er noodhospitalen gebouwd worden voor de Noro-slachtoffers en moest de keuken aangepast worden van een zeikerd van de inspectiedienst. Onze ontspanning kwam niet verder dan een enkele keer zwemmen bij het Engelenmeer en een bezoekje aan Boxtel.

Bij ons vielen er ook steeds meer slachtoffers uit, door het Noro-virus. Dit betekende dat er tijdens de afbraak extra hard gewerkt moest worden door de nog paar aanwezigen op het terrein. Iedereen liet zijn handjes wapperen, zelfs… Er waren aan het eind van de NJ maar 6 AVDers die echt konden zeggen: I really survived te jamboree.

Helaas kreeg ik van de hoofdredacteur maar één bladzijde om mijn verhaal van de NJ op kwijt te kunnen. Meer over onze belevenissen is te lezen en te zien op de AVD en de NJ site.


(naar boven)

PAG-post
“PAG snelt door de zomer”
door: Lammert Aling

U heeft een tijdje niet zoveel van ons gehoord, dat betekend niet dat wij stil gezeten hebben, maar het feit lag slechts opgesloten in een veranderd e-mailadres en helaas heeft de redactie daar geen weet van gehad. En in mijn drukke werkzaamheden is de nieuwsbrief dan ook heeeel stilletjes voorbij gegaan.

Een reden des te meer daar wij alweer zijn begonnen aan het vierde seizoen het vorige even snel de revue te laten passeren. Een aantal vaste elementen vormen het jaar van het Post Anthoniaans Geno(o)tschap, zo zijn er de inwijdingen van de nieuwe wijn in november, een aantal reguliere zaterdag avond bijeenkomsten en nieuw voor ons de Klassiek rally de PAG RALLY in April 2004. Ontstaan om geld in te zamelen voor de JPG en met 60 deelnemende equipes in vooral klassieke sportauto’s was dit een van de hoogtepunten van het afgelopen PAG jaar. De deelnemende auto’s hebben ruim 150 km door ons schone drentsche afgelegd en het enthousiasme van de rijders en navigatoren over de organisatie hebben ons er weer aangezet aan dit evenement een vervolg te geven. Het heeft ruim 1400 euri op geleverd en ook dit jaar, heb ik U al verklapt wordt er weer een rally verreden in april 2005.

Al barbecuend zijn we al weer in juni aangekomen en na het zomerreces zijn we gestart met ons familiale kampeerweekend in de bossen van Grolloo. Voor de komende tijd staat het programma nog niet helemaal vast, maar ik hou U graag op de hoogte van de belevenissen van de PAG.


(naar boven)